Grenzen Tour - Etappe 2

Toul - Tholen

In Toul blijven we 2 dagen liggen, n dag omdat we een rustdag willen en omdat we Toul willen bekijken en een tweede dag omdat we niet mogen varen door de hoge waterstand op de Moezel. Zondag 2 april mogen we weer varen. We maken er een lange dag van en varen naar Metz: 75 km en 10 sluizen: eerst de 3 laatste kleine "peniche" sluizen, dan 7 heel grote van 175x12 meter. Hier varen dan ook opeens heel grote schepen. Zoals de peniches precies pasten in de sluizen van eind 19e eeuw, zo passen nu de moderne koppelverbanden van 172x11.5 meter zuigend in deze enorme sluizen.

In Metz is een jachthaven die eigenlijk alleen geschikt is voor boten veel kleiner dan Kaat. Maar omdat er nog niemand vaart kunnen we liggen aan een steiger waar in de zomer 15 schepen kunnen liggen. Nu zijn we er alleen en de uiterst vriendelijke havenmeester heeft nog geen kwitanties, zodat we ook niet hoeven te betalen. In Nederland zou dat beslist geen reden zijn voor een havenmeester om niet te incasseren.

Voor we Frankrijk verlaten een paar woorden over de VNF, de Voies Navigables de France. Deze organsiatie beheert en onderhoudt 6700 km kanalen en rivieren, er vaart bijna geen beroepsvaart meer. De infrastructuur wordt dan ook steeds meer aangepast voor de pleziervaart, die in Frankrijk vrij snel aan het toenemen is. Het is een organisatie die zeer snelle en goede service geeft. Een groot deel van de sluizen is geautomatiseerd. Je krijgt een zendertje mee, waarmee je op afstand zelf de sluis bedient. Als het goed gaat komt daar dan geen VNF mens aan te pas. Maar bij hoge waterafvoer uit de bergen komen er veel takken en zelfs bomen mee de rivier af, die de automatisch sluisgang vaak verstoren, zoals wij merkten. Na een telefonische oproep komt er dan binnen 10 minuten iemand om de sluis te depanneren. Ook een groot deel van de sluizen wordt nog manueel bediend. Je meldt een dag van te voren hoe laat je wilt vertrekken en stipt op het afgesproken tijdstip wordt de eerste sluis bediend. De eclusier (sluiswachter) volgt je per auto en je hoeft nergens te wachten. De bediening van de sluizen duurt tussen de 5 en 10 minuten. Veel lof voor deze prima organisatie. Voor slechts 90 voeren wij er 2 weken.Een prikje als je het vergelijkt met het Gta kanaal.

Ook nog een woordje over onze kennis van de Franse taal. Die was vrijwel onbestaand en dat was dan ook het enige waar ik echt tegen op zag. Mijn eerste woorden in het Frans door de marifoon kostten dan ook veel zenuwen, maar daar waren gelukkig onze Hasseltse vrienden Guido en Marie-Claire bij. Daarna moesten we het echt alleen doen. Het kostte erg veel zweet, maar met hulp van het boekje van Nelly Duyndam over de Franse kanalen, waar ook een hoofdstuk scheepsfrans in staat, lukte het steeds beter. We hebben echt ons best gedaan en Joop zou trots op ons zijn geweest toen we bij de ontmoeting met een Canadese dringend verzochten geen Engels te spreken.

We gaan Frankrijk verlaten, dus haal ik voor vertrek uit Metz nog voor de laatste keer een baguette. We varen langs Schengen en vinden een mooie ligplaats in de enige Luxemburgse jachthaven met de zangerige naam Schwebsange. Hier doen we de eerste stap om Kaat er weer normaal te laten uitzien: de antennebeugel gaat weer omhoog. Dat kan omdat de bruggen hier een stuk hoger zijn dan in Frankrijk. We hebben weer radar, gps, electrisch kompas en goede marifoonverbindingen. Maar de masten blijven nog een paar weken naar beneden.

Vervolgens varen we naar Konz, een mooie jachthaven vlak voor Trier. Van daar ga ik "even" op en neer naar Rotterdam voor het examen Rijnvaartsportpatent Koblenz tot Mainz. Dat gaat allemaal goed en vrijdag 7 april ben ik weer aan boord. We eten er in een Italiaans restaurant "Pinocchio". Van buiten ziet het er een beetje triestig uit. Zonder aanbeveling van een mede-"Rijnvaart"-cursist zouden we er niet zijn gaan eten. Zelfs toen we binnenstapten verwachtten we perzische tapijtjes op de tafels. Het was dan ook een enorme verassing dat het er binnen heel leuk uitzag en bijna stampvol was. Gelukkig kregen we nog een tafeltje en hadden nog nooit voor zo weinig geld zo'n prima Italiaans diner met bijzonder goede en gezellige bediening. Een echte aanrader!

Vandaag, zaterdag 8 april, varen we maar een klein eindje. Bij de enige sluis bij Trier is het erg druk en het duurt 1.5 uur voor we er door zijn. We hoorden op de marifoon dat de wachttijd voor de volgende sluis nog veel langer zou zijn. Daar hebben we geen zin in, dus meren we in een klein plaatsje, Plich aan een prachtige steiger in de Moezel, met mooi uitzicht op de rivier en alle wijngebieden om ons heen.

Zondag 9 april vertrekken we weer uit Plich. Op zondag is het scheepvaartverkeer veel minder dan op andere dagen. Het voordeel is dat het schutten in de sluizen aanmerkelijk sneller gaat. Het naddel dat we moeten betalen. 4.50 per sluis. We willen in rzig aanleggen om een wijngoed te bekijken, maar de aanlegsteigers liggen er nog niet dus kunnen we absoluut niet aanleggen. Er zijn trouwens sowieso erg weinig aanlegplaatsen voor ons aan de Moezel. In Traben Trarbach vinden we in een Schutzhafen met wat moeite een plaats naast een oude schuit.

Van 8-10 uur iis de volgende sluis gestremd vanwege een reparatie, dus we vertrekken maandag een tijdje later dan gewoonlijk. De laatste 2 sluizen varen we weer samen met een vrachtschip. En dan hebben we de laatste sluis van deze reis achter ons. 133 waren het er. We varen het laatste stukje Moezel bij Koblenz, zeggen Kaiser Wilhelm goedendag bij het Deutsche Eck en varen de Rijn op. Opeens een andere hectische wereld: een keiharde stroom van ongeveer 8 km/uur mee en een enorme hoeveelheid scheepvaart in beide richtingen. Erg goed opletten met z'n tween of de opvaart je bak- of stuurboord wil passeren. Het landschap raast voorbij. We vinden een ligplaats in Oberwinter.

Vandaag, woensdag 12 april varen we van Oberwinter naar Keulen. Spectaculaire tocht met spetterend weer. Zo nu en dan felle zon, afgewisseld met een paar enorme regenbuien. De waterstand is nu 2.5 m hoger dan toen we hier 7 maanden geleden waren. Daardoor moet de brug voor de Rheinauhafen nu voor ons open. Het duurt een uurtje voor de brugwachter er is. En dan vinden we een mooie plaats in de jachthaven van Keulen.

In Keulen passeren we een ander soort, virtuele grens. Van onbekend avontuur naar bekend vaarwater, want hier waren we eerder. Het is verbazend wat een verschil het maakt of je vaart in vaarwater dat je kent of in vaarwater waar je nog nooit eerder was en waar iedere kilometer een verrassing is. Meestal positief omdat je nieuwe dingen ziet. Soms negatief omdat blijkt dat er iets onverwacht moeilijks is, zoals het vrijwel totale gebrek aan ligplaatsen voor ons de laatste paar dagen op de Moezel.

Van Keulen varen we in 1 dag naar Duisburg waar we, net als vorig jaar, in de Eisenbahnhafen liggen langszij de sleepboot/ijsbreker van Manfred Ahrens. We hebben een gezellige avond in zijn stamkroeg.

Dan van Duisburg naar Kleve, waar we via een oude Rijn-arm en een sluis naar het centrum van het stadje varen. We liggen er 4 dagen. Rolph en Jacobien hebben hier een huis gekocht waar ze over een half jaartje gaan wonen. Er wordt nog veel aan verbouwd en voor dat dat begint moeten een aantal dingen gesloopt. Samen met hun 2 zonen en hun vriendinnen doen we 3 dagen zwaar bouwvak werk. De vloer op de verdieping is dan geheel gesloopt. Daarnaast hebben we gezellige tijden en diners bij hen, aan boord van Kaat en bij een plaatselijke Italiaan.

Dinsdag 18 april varen we Nederland weer binnen: de 5e landsgrens van deze reis. We waren nog nooit in het Maas-Waal kanaal. n dag voor in dat kanaal het ernstige ongeluk gebeurde waarbij een motorboot werd overvaren en de 2 opvarenden verdronken, voeren wij door dat kanaal naar de Maas. We overnachten in Grave en varen dan verder naar Aalst in de Andelsche Maas. We liggen daar aan de steiger van Restaurant "de Fuik" en hadden een fantastisch diner bij hen. We waren hier 4 jaar geleden met de Lions Club Hasselt.

Via Willemstad varen we dan terug naar de thuishaven Tholen. We zijn er vrijdag 20 april. En dat is dan weer het einde van de 2e etappe en van onze Voorjaarsreis. Het was een nieuw avontuur met voor ons vrijwel allemaal nieuwe vaarwateren. Het weer was matig: veel regen en kou. Lente werd het pas toen we in Tholen lagen. Met 138 sluizen en 750 mijl was het een spectaculaire reis.

Nu ligt het schip een maand stil. Wij hebben veel activiteiten in Belgi, Nederland en Ierland. Daarnaast moet er veel aan Kaat worden geklust. Voornamelijk wat herstel verfwerk van de krassen door de 138 sluizen en een aantal andere kleinere reparaties. 22 mei gaan we verder met de 3e etappe naar Duitsland, Denemarken en Zweden.

De route