2011 Rome Toer - Etappe 1

Tholen - Marseille

De Rome Toer begint op 29 maart als we uit Tholen vertrekken. Daarvoor waren we nog een dag bezig geweest alles aan boord te brengen en de laatste inkopen te doen.

We varen door de Antwerpse haven en het Albertkanaal tot Herentals.

De volgende dag horen we dat Ewout en Maartje een dochter hebben gekregen: Philine Kaatje, echt vernoemd naar Kaat!! Wat een eer. Hierbij de trotse opa met Philine Kaatje.

Philine Kaatje Barents

Van Herentals naar Hasselt. We gaan even naar huis om de post te bekijken. Heel halucinant! 's-Avonds diner met Andr en Wiessie en Luc en Chris in het haven restaurant. Een prima avond waar even de Belgische politiek wordt doorgenomen.

Guido en Marie Claire komen laat nog even op Kaat.

Diner in Hasselt

Na Hasselt gaat het Albertkanaal verder naar Diepenbeek en Genk. De route die ik 10 jaar iedere dag naar mijn werk reed. We varen vlak langs DSM en daarna langs Sikel, toen van Paul van Holle, nu ook al weer een paar jaar met pensioen.

Daarna gaat het Albertkanaal dwars door de Pietersberg.

Dwars door de Pietersberg

Na Vis en Herstal komt het Albertkanaal in de Maas. Bij de monding staat Koning Albert I trots te kijken.

Standbeeld van Albert I

Na 2 dagen Luik bekeken te hebben varen we door via Namen naar Dinant. Het weer was tot nu toe een beetje matig, maar nu wordt het steeds mooier.

Prachtig weer in Dinant

Woensdag 6 April varen we bij Givet Frankrijk in. Na 2 sluizen komt de eerste tunnel. Ik maak me enige zorgen of de zonnetent wel kan blijven staan, maar de sluiswachter stelt me gerust. Ten onrechte! De tent schraapt aan bakboord behoorlijk langs de rots van de tunnel. Het klinkt alsof de hele tent aan barrels gaat, maar als we later in Varieux-Wallerand voor de nacht aanleggen, blijkt het mee te vallen. Wat buigwerk zet de staanders weer recht; de gebroken ligger wordt met een touwtje voorlopig gerepareerd; een nieuw elastiek en alles weer opnieuw spannen en het zit weer. Er zitten 4 scheuren in het doek. Die gaan we voorlopig repareren als in Reims de tent er af moet voor de daarna volgende tunnels.

Schade aan en voorlopige reparatie van de zonnetent

We varen nog 2 dagen de Franse Maas. Heel mooi slingerende rivier door de Ardennen met fabelachtig mooi weer. Als we vroeg in de ochtend vertrekken is het nog een beetje mistig.

Vroege ochtend op de Maas

Voor Sedan verlaten we de Maas en varen het Canal des Ardennes in, verbinding tussen de Maas en de Aisne. Dit kanaal stamt uit 1836 en is gemaakt om een verbinding te hebben tussen de Maas en Parijs.   

Invaart van het Canal des Ardennes vanaf de Maas

Het is een prachtig en zeer afwisselend kanaal. Soms bijzonder smal. Eerst een aantal sluizen omhoog tot een hoogte van 165 meter. Daarna in een trap van 26 aaneensluitende sluizen 75 meter naar beneden.

Het Canal des Ardennes, smal als een sloot

Zaterdag 9 april doen we dus 30 sluizen en leggen uitgeput aan in Attigny. Nooit eerder deden we in 1 dag zo veel sluizen. Door een prachtig woest gebied. En met nog steeds heel mooi voorjaarsweer. Alles bloeit hier tegelijk.

In Attigny komt een peniche langs

Het laatste stuk van het Canal des Ardennes is nog stiller en woester dan de rest. Het gaat over in het Canal lateral l'Aisne.

Het laatste stuk van het Canal des Ardennes

Bij Berry-au-Bac draaien we naar het Zuiden en varen het Canal`de l'Aisne la Marne in en na 20 km en 9 sluizen leggen we aan in Reims. Al weer een droom verwezelijkt.

We liggen er 2 dagen, maar helaas werkt het weer even niet mee. Het is koud en winderig. We fietsen een paar keer naar de stad. We bekijken de kathedraal uitgebreid, maar daar blijft het ook zo'n beetje bij. De warme boot (de cv is veel aan)lokt ons dan weer snel terug aan boord.

Woensdag 13 April halen we eerst de zonnetent weg en daarna vertrekken we uit Reims. In het hoogste stuk van dit kanaal (het scheidingspand of bief de partage in het Frans) zit een 2.3 km lange tunnel onder de Mont Billy. Zonder zonnetent en met de uithouders om te voorkomen dat het dak van het stuurhuis tegen de tunnelwand kan komen, gaat het prima. In een half uur zijn we er door en begint de afdaling naar de Marne in een trap van 8 sluizen.

De 2.3 km lange tunnel onder Mont Billy

We komen dan in het Canal lateral la Marne. In dat kanaal zijn 2 sluizen die gestremd waren voor totale vernieuwing tot 7 april. Althans dat stond in de planning van de VNF. In werkelijkheid is de ene sluis pas 2 dagen geleden klaar gekomen en de tweede (sluis 8) pas 14 april, de dag dat wij er er door gingen. Het werd met de hand bediend en er werd nog volop gewerkt. Maar we konden er door en hadden dus geen last van deze verlengde stremming. Althans dat dachten we.

Reparatie van sluis 8

Bij Vitry le Francois komen we in het Canal de la Marne la Sane, 235 km lang met 114 sluizen.Door de stremming in het vorige kanaal is er een file van 7 peniches voor ons. De achterste is alleen en uiterst langzaam.We sukkelen er 2 dagen achter en zien pas zondag de 17e kans er voorbij te varen. We halen 2 peniches (De Sperwer uit Rhoon is er n van) in en dat kost 2 flessen wijn.Het kost de dagen daarna nog de nodige moeite ze voor te blijven, want de pleziervaart wordt 3 uur korter bediend dan de beroepsvaart. Maar met hulp van de VNF worden we 2 ochtenden toch vroeger geschut en blijven we ze voor.

Het is een prachtig kanaal waarbij we bovendien genieten van uitzonderlijk mooi weer.

Een sluis in het Canal de la Marne la Sane uit 1865

Omhoog schutten in het Canal de la Marne la Sane

Doorkijk onder een brug

Eerst is er een korte tunnel in Chaumont. Slechts 800 m lang en zo breed dat 2 peniches elkaar kunnen tegenkomen. Het levert een mooi doorkijkje op naar de oude brug die er vlak achter ligt.

Korte tunnel bij Chaumont

En dan komt in het scheidingspand op 345 meter boven NAP het klapstuk van dit kanaal: de 4.8 km lange tunnel. Alles gaat goed maar het betekent wel een uur lang heel zorgvuldig sturen, want het houdt niet over in breedte en hoogte. Daarna gaan we afdalen richting Sane. Het gaat maar door en voor we een geschikte aanlegplaats hebben gevonden in Cusey zijn we 31 sluizen gepasserd en is het na 19 uur. Ongemerkt hebben we hiermee ons record van 30 sluizen op 1 dag uit het Canal des Ardennes verbroken. We zijn dan ook doodmoe en hebben verder een rustige en korte avond.

4.8 km lange tunnel

Woensdag 20 April doen we het laatste stuk van dit kanaal en komen op 185 meter boven NAP. Dat is het niveau van de Sane. Het was een prachtig kanaal waar je makkelijk 2 weken over doet om alle mooie plaatsen te bekijken. Maar wij wilden er zo snel mogelijk door en dat werd echt snel om de 2 geladen peniches voor te blijven. We deden er 6 dagen over.

 

Voor we op "groot" water komen, eerst een stukje over de sluizen in de Franse kanalen waarvan wij er zo'n 200 achter ons hebben. Ze hebben allemaal op het sluishuis een bord staan met nummer, naam en bouwjaar van de sluis.

Een sluis uit 1883

 Ze hebben vrijwel allemaal dezelfde afmetingen: 39 x 5.10 meter. Ons schip is 4.20 meter breed, dus aan iedere kant hebben we 45 cm over min de dikte van de stootkussens. Het is dus zorgvuldig mikken om een sluis in te varen zonder de wanden te raken. De rivier of het kanaal opvarend is dat niet zo'n probleem omdat de roerganger de sluismuren goed kan zien.

Voor een sluis in de opvaart

Maar de rivier of het kanaal afvarend ziet de roerganger vrijwel niets van de lage sluismuren. Vroeger stuiterden we wel eens de sluis in met de nodige schrammen op Kaat als gevolg. Rolph bedacht een truc, die we sindsdien altijd uitvoeren: Iemand staat naast het stuurhuis en kijkt precies over de zijkant van Kaat naar de sluismuur en geeft aan of de roerganger iets naar stuurboord of bakboord moet. Sindsdien glijden we vrijwel altijd keurig de sluis in.

Voor een sluis in de afvaart

Ik sta aan het roer en Geeske doet het matenwerk. Ze heeft daar al verschillende keren de gouden penning van de Matenbond voor gekregen. Soms moet ze die ook weer inleveren als er een lijntje in een sluis vast loopt en we hem snel door moeten snijden om te voorkomen dat we het schip ophangen. Daarvoor ligt altijd een vlijmscherp mes binnen handbereik.

De maat eerste klas met gouden penning

In een sluis leggen we Kaat meestal scheef om de stootwillen zo min mogelijk te belasten. Dat helpt maar zeer gedeeltelijk. Na afloop van zo'n stuk kanalen varen moeten alle stootwillen schoongemaakt en gerepareerd worden. Daar gaan we ons op de Middellandse Zee mee bezig houden.

Scheef in een sluis

Nog iets over de VNF, Voies Navigables de France, de organisatie die zorgt voor het onderhoud van het kanalen- en sluizennet. Maar ook zorgen ze voor alle schepen die die kanalen en sluizen passeren. In de automatische sluizen betekent dat het depanneren van sluizen in geval van storing. Vrijwel altijd is er dan binnen 10 minuten iemand om het probleem op te lossen.

Bij handbediende sluizen betekent het dat je 1 of meerde sluiswachters met een auto of scooter krijgt toegewezen, die alle sluizen voor je voorbereiden. Dat is hard werken voor ze en zo nu en dan krijgen ze koffie of een biertje van ons. Door de perfecte organisatie duurt een schutting slechts 8-12 minuten.

Er is veel kritiek op de VNF omdat door geldgebrek veel sluizen verwaarloosd zijn en soms hele kanaalstukken jarenlang gestremd zijn zoals de Sambre waar wij in het begin van de reis door wilden.

We troffen een Duitser die al aan het schelden was op de VNF toen hij 10 minuten moest wachten voor een sluis.

Wij zijn onder de indruk van de service van de VNF mensen en van de vriendelijkheid waarmee je altijd wordt behandeld.

Koffie voor de eclusiers van de VNF

Van het Canal de la Marne la Sane komen we op de... U raadt het al, Sane. Eerst nog een paar kleine sluizen en lage bruggen, maar als we op Donderdag 21 April in Saint Jean de Losne zijn kan de antennebeugel weer overeind. De masten moeten naar beneden blijven tot we bij de Med zijn.
We ontmoeten er de Sperwer, die we in Canal de la Marne la Sane inhaalden, weer en maakten een uitgebreide babbel met ze. De Sane is een mooie rivier die steeds breder wordt. Veel bos langs de oevers. Veel vissers die hier voor de Paasdagen lijken te kamperen.

De Sane

We varen langs Tournus en Macon en gaan Zaterdag 23 naar Villefranche aan de Sane en Zondag 24 April (1e Paasdag) langs Lyon, de Rhne af naar Vienne.

Het weer is al weken prachtig. Alleen in Reims was het even wat minder en gisteren wat bewolkt en 2 druppels regen. Vandaag al weer prachtig: 24 grC en volop zon. Alleen maar weer dat je in april nog niet verwacht.

Vienne is al een mediterrane stad met veel Romeins verleden met een Romeinse tempel en amphiteater midden in de stad

Vienne wordt echt mediterraan

We zijn nu op de Rhne met 14 grote sluizen. In Frankrijk het enige gebied waar de grote Euro schepen van 110 meter lang of de duwcombinaties tot 190 meter lang kunnen varen, zoals in Duitsland, Belgi en Nederland heel gewoon is. De sluizen zijn er gigantisch: 195 x 12 meter en je gaat er naar boven of (zoals wij nu) naar beneden  tot 23 meter. Als je dan beneden bent ziet het er allemaal groots en een beetje griezelig uit.

De giga sluizen van de Rhne

In een "gewone" sluis zou je de lijnen vele malen moeten overzetten naar een volgende bolder, maar in deze sluizen drijven de bolders mee naar beneden. Vastmaken en alleen opletten dat ze echt meedrijven naar beneden en niet blijven haken.

Met een drijvende bolder is het geen probleem

Van Vienne varen we naar Tain d'Hermitage. We hebben er een mooie ligplaats, maar worden verjaagd door een hotelboot. Dat zijn luxe hotelschepen van 110 meter lang, heel comfortabel voor de 149 passagiers. Maar voor ons is het een plaag omdat veel gemeente's hun ligplaatsen voor jachten opgeven voor deze hotelschepen omdat het meer oplevert.

In dit geval blijkt het nadeel een voordeel, want we worden gedwongen door te varen en vinden daardoor een schitterende ligplaats in Roche de Glun, heel aardig plaatsje met vooral een prachtig uitzicht over het Rhnedal.

Mooie uitzicht in Roche de Glun

Ook in Viviers blokkeren 3 hotelschepen een ligplaats voor ons, dus gaan we er maar ankeren midden in de zijrivier net als 3 jaar geleden met Joop en Magda..

Daarna maken we nog een overnachting in Avignon en in Arles naast het Peniche Restaurant omdat er geen ligplaatsen zijn voor jachten. Geen straf want we hebben er lekker gegeten.

En dan het laatste, een beetje saaie stukje rivier naar Port St Louis.  Voor de sluis moeten we 4 uur wachten en we gebruiken die tijd goed door de masten overeind te zetten. Kaat is weer een zeeschip.

In de sluis van Port St Louis

Vrijdag 29 april liggen we in de Med, precies 1 maand na ons vertrek uit Tholen. Het was een beetje hard werken, maar de moeite waard.

Koninginnedag

Op Koninginnedag zitten we met een glaasje ros onder de zonnetent. We zijn de hele dag bezig het schip schoon te maken en voor te bereiden voor een paar maanden zeevaart. We bellen naar de haven van Marseille. Daar hebben we een ligplaats voor een week gereserveerd en we zouden er graag 2 dagen eerder willen aankomen. We worden door de havendienst gebeld dat dat kan en dus varen we Zondag 1 Mei naar Marseille. Het eerste stukje over de Med varen is een waar feest: een zacht variable windje, 24 gr C en onbewolkt. Wat wil een mens meer.

Le vieux port de Marseille

We krijgen dezelfde mooie ligplaats aangewezen als 3 jaar geleden en zoals hier gebruikelijk begeleidt iemand in een bootje ons naar de ligplaats en helpt met aanleggen.

We gaan nu 2 dagen schip schoonmaken en wassen en allerlei andere klussen doen, die niet aan de beurt zijn gekomen door het vele varen.

Woensdag rijden we met een huurauto naar huis en plannen de 12e weer aan boord te komen met Erik en Jolien.